Je zegt dat het wel gaat, terwijl je al moe bent voordat de dag begint. Er zijn afspraken, berichten en mensen op wie je wilt kunnen rekenen — en die ook op jou rekenen. Een compliment over hoe sterk je bent kan dan warm voelen, maar ongemerkt ook een verwachting worden. Wat als je die kracht vandaag niet hebt?
In dit luisterverhaal sta ik stil bij het verschil tussen iets aankunnen en het gevoel dat je het moet aankunnen. Bij vermoeidheid die van buitenaf nauwelijks zichtbaar is, en bij gesprekken waarin je geen opgewekt antwoord paraat hebt. Wat blijft er van ons beeld van kracht over als iemand zegt dat het niet meer gaat? Die vraag loopt mee, zonder van kwetsbaarheid een prestatie te maken.
